woensdag 29 september 2010

De Afval-Race

De overweldigende schoonheid van Terschelling zorgt er altijd voor dat ik intens geniet van elk moment dat ik op dit schitterende eiland mag zijn. Ik ruik de zee, voel de wind en het zand. Hoor de vogels en de muziek bij Jan in de Vijfpoort. Proef de cranberries en het zout dat op mijn lippen zit na een wandeling over het strand.
Ik zie het niet.
Ze zeggen altijd dat een roze bril verblindend werkt. Dat is zo. Ik vind alles mooi aan Terschelling en het afval, plastic en andere rotzooi vangt mijn blik niet.
Toch weet ik maar al te goed dat de plastic soep groeit, dat er miljarden korreltjes microplastic verborgen liggen in de duinen. Ook in de duinen van mijn eiland. Na een middagje strandjutten heb je misschien flessenpost gevonden, maar daarnaast ook afgrijselijk veel afval. 
Daar moeten we iets aan doen.  Met onze eigen handen.
Hup! Naar het WaddenWerkWeekend van de Waddenvereniging, een organisatie waar ik me met lief en leed in heb gestort. Waar inmiddels heel wat uurtjes werk in zitten, maar me zoveel geluk en voldoening brengt dat ik er nooit meer mee kan stoppen.
Een verslaving? Ik denk het. Maar dan wel een goede.
Elk jaar komen er in het laatste weekend van september pakweg 200 mensen naar Terschelling, om te helpen bij het opruimen. Om het leed van de natuur te verzachten en om veel plezier te maken.
Als ‘leidinggevende’ heb ik mijn groepje, gekroond met paarse mutsjes, en mezelf naar paal 27 laten rijden door een fantastische huifkar; Douwe was de bestuurder. De paarden waren robuust en leken net zoveel zin te hebben in de missie als al die 200 mensen die op het WWW afgekomen waren.
Bij paal 27 is alles stil. De duinen stoppen, het water buldert van alle kanten op de kust en de lucht is hemelsblauw. Het levert een heel fris en schoon gevoel op, vooral als de wind door je haren waait. Toch was het strand bij aankomst een grote bende, niets fris aan. 

Iedereen stak zijn handen uit de mouwen, de vuilniszakken werden volgestauwd en alle chemische troep werd apart verzameld. Als echte spoorzoekers lopen de mensen over het strand en door de duinen, bukkend bij elk stuk ongewenste materie. Ondertussen nadenkend over de schoonheid van het eiland en de impact van het plastic.
En toen kwam er ineens een moment waarop ik even in het rond keek. Even niet meer naar de grond, maar naar de situatie.  
Ik zag een hele groep mensen zeer gedreven afval rapen. Elk stukje, hoe klein dan ook werd opgeruimd, weggegooid enzovoorts. De zon bescheen deze mensen en de zee zorgde voor achtergrondmuziek. Ik was geroerd door dit beeld, ik kon wel huilen zo mooi vond ik het.
We hebben die dag 40 kuub afval opgeruimd.
De wereld is zo slecht nog niet, ze is wonderschoon!


dinsdag 28 september 2010

Terschelling mijn eiland

Woensdag 25 mei 2010,
Zal ik m’n bikini thuislaten of meenemen? Ja, het is toch mei? Vorig jaar had ik al lang m’n eerste duik genomen.  Buienradar.nl belooft dat het niet gaat regenen morgen. Ik vertrouw erop.  Morgen ga ik in m’n eentje naar Terschelling en dat is voor het eerst. Terschelling is een eiland waar ik altijd met vrienden, véél vrienden op af ga. Nooit alleen.  Ben erg benieuwd hoe dat gaat bevallen, misschien zie ik nu nog meer dan anders.  Misschien ga ik me wel stierlijk ergeren, omdat de eilanders iets minder sociaal zijn dan ik dacht.  Ik heb in elk geval redelijk wat tijd om dit te ondervinden. Na de excursie die ik van 15:15 tot 17:15 zal gaan geven kan ik de hele avond als een vrije vogel over het eiland vliegen.
Ik moet niets, maar mag alles.  Wel eerst de wekker zetten en tanden poetsen!
27 mei 2010  omstreeks 11: 30

Niet goed geslapen. Spullen snel bij elkaar zoeken, beetje ontbijten en dan naar het station! Stoptrein is helemaal leeg. Omdat ik de enige ben ontkom ik er niet aan een enquete in te vullen. In Leeuwarden overstappen. Uitzicht op een heel lelijk hondje zonder neus en te grote ogen. Weersomstandigheden zijn bestwel oke,  bijna geen wind en hoewel het aardig bewolkt is  geen regen. Gelukkig!  De boot is ook lekker leeg, dus kan ik een fijn plekje bij het raam krijgen. Maar het is niet echt gezellig ofzo, ik heb niemand om mee te praten!


                                                               
Na de aankomst in de haven van Terschelling, stapte ik natuurlijk in de eerste de beste bus. De chauffeur was een schitterende kerel dat moet gezegd worden. Een snor, zo’n een had ik nog nooit gezien! Helaas wou hij niet op de foto. Twee dames in de bus waren aan het discusiëren over ‘wel-of-niet-zonnebrand-smeren’. Boeiend. De stemming kwam er eigenlijk pas in toen ik langs Jort van Gossen liep. Bepaalde beelden en flasbacks kwamen bij me naar  boven. Laat ik het zo zeggen; het zag er allemaal heel schoon uit. En met een glimlach op m’n gezicht vervolgde ik mijn weg richting de camping.





   Kort daarna stak ik de sleutel in het slot van de Knoetboet, het trouwe opberghok.
De geur van vis en opgedroogd slik die ik rook bij het openen van de deur
 deed me goed. Ik kreeg er weer zin in! Helaas kon ik
geen tassen, jassen en emmertjes vinden dus moest ik m’n uitrusting
aanpassen. Ik koos voor een verschrikkelijk fluoriserend hesje en een emmertje
met bloemetjes. LIEF!






Toen snel op de fiets naar de dijk. Het bloed begon sneller te stromen, ik werd helemaal vrolijk want ook de zon piepte tussen de wolkjes door.
 Ik maakte een omweggetje, puur voor het genot.
Leuk, ik zag Jan. Uit de Vijfpoort inderdaad. Hij zwalkte richting de duinen. Verder geen tijd om hem te achtervolgen. Hup hup, naar het Wad!

Het laatste deel van de fietstocht was me wat! Die grutto’s!  Er was enorm veel commotie op het fietspad waar ik toch echt langs moest. Ik was me niet bewust van het feit dat grutto’s enorme snavels hebben en gewiekste duikvluchten kunnen maken. En voordat ik het wist was ik doelwit.
Ik schrok me dood, ze doken recht op mijn hoofd af.Ik werd zelfs geraakt! Levensgevaarlijk!  Binnen no time zat ik gehurkt op de grond.

Toen herinnerde ik me de wijze raad van mijn opa, die een fervent vogelaar is; neem een stok mee als je de weilanden ingaat! Ik had in mijn karretje natuurlijk een stuk of 4 schepnetten. Ik bedacht me geen seconde en al hurkend pakte ik een netje en stak de stok boven mijn hoofd omhoog. Dit hielp, de aanval op de stok was niet interessant genoeg of te ingewikkeld. De grutto’s verplaatsten zich weer naar het weiland en ik was veilig. Het zweet stond me op het voorhoofd. Ik was toch wel een beetje bang geweest!








Op de dijk heel kort de tijd om te genieten van de stilte. Daar kwamen de koters in de verte al aangefietst. Soms weet je meteen of het klikt. Dat het goed zit, dat het wat wordt. Dit was echt   pats-pats in één klap gezelligheid. Wat een heerlijke klas, allemaal kleine jongetjes met de baard in de keel (of niet) en meisjes met ingevlochten ponnys. Toen ik vroeg of ze er zin in hadden barstte er een enorm gejuich los, dat doet de wadgids goed!



Een heerlijke excursie, echt genieten van het begin tot het eind. Een paar slikduikers (ongepland), veel wadpieren en prachtige lepelaars. Ik houd echt van die dieren en het is ook nog gelukt om ze vast te leggen dankzij de juffrouw van de school uit Lochum.


Terug op de dijk was iedereen nog enthousiaster dan aan het begin. Kun je het je voorstellen? Ik denk dat er in die klas van 20 kinderen wel zeker 10 potentiële wexers zitten.  “Hoe wordt je wat jij nu bent?”, “Ken jij alles uit je hoofd?!”, “Waar moet je je aanmelden dan?”. Ook een paar juffies die mee waren wilden wel lid worden van de Waddenvereniging: “Het is toch ook een soort jeugdsentiment hè?”.  Ik kreeg een héél luid applaus en er werd zelfs gevraagd of ik ook ‘op-hyves’zit. Pfoeh. Toen ging ik terug naar de camping. Ik was zó blij!

Alsof je je energiepijl op kan krikken van een inspannende tocht met zoveel drukke kinderen... Ja. Het kan.






Na de grote spoelronde zette ik mijn avontuur voort in het StayOkay-hotel in West-Terschelling. Ik was er nog nooit geweest maar de binnenkomst alleen al was een feest. De barman (die ik eerder aan de telefoon had gehad wegens informatie-inwinning) wist mijn naam nog; “Heee, daar is Marrit de wadgids, wil je een juttertje!?”. Heel erg lief was dat. Deze barman, Mike genaamd, raadde me een eettentje aan in West.  Klonk goed. Eerst het bed opmaken. En douchen.






Toen ik naar West toe liep besloot ik bij de eeste de best auto die langs reed m’n duim de lucht in te steken: liften.
Zo gezegd zo gedaan. In een klap raak. Een hoe raak, een medewerker van Heartbreak-Hotel. Hij kon me best even naar de haven rijden. Oe.oe. Hij knipoogde zelfs naar me toen ik uitstapte en ik kon ook een gratis drankje komen halen de eerste de beste keer dat ik het paveljoen zou bezoeken. Het restaurant waar ik heengestuurd was zag er gezellig uit, ik kon zelfs buiten op het terras zitten. Ik bestelde een bord frietekes met vis en een Rivella. Heel voorspelbaar, maar het smaakte heerlijk.


Terug naar de StayOkay gewandeld door de haven. Mijn hotelgenoten doken ineens ook op; het leek al zo stil! Maar wat me iets minder deugd deed was, dat het Appelhofjongeren waren van de mbo opleiding ‘vormgeving en design’ of zoiets. Een goed gesprek zat er niet in, maar ze waren wel lekker enthousiast. Ze waren namelijk van plan om heftig te gaan stappen. Ze vroegen me of het ook leuk is om eerst naar Hessel te gaan en daarna naar OKA 18.
Ja. Dat is bestwel leuk. 

Vrijdag 28 mei 2010

Heerlijk geslapen. Geen lawaai op de gangen, wel gillende meeuwen. Maar dat vind ik altijd wel een leuk geluid, dat je zeker weet dat je op het eiland bent. Het ontbijt was nogal chaotisch aangezien er blijkbaar ook nog een basisschoolklasje in het hotel logeerde. Ze graaiden net de laatste banaan voor m’n neus vandaan, maar verder was het bestwel gezellig. Ik kon zelfs buiten op het terras zitten.
Gauw m’n tas weer ingepakt en de kamer opgeruimd, op naar West-Terschelling voor een kopje koffie. Helaas ging er geen bus omstreeks mijn vertrek, dus ging ik lopend. Dit maal geen lift dus.





 

Tijd vliegt en voordat ik het wist liep ik alweer naar de boot. Op de een of andere manier vertraagt mijn pas dan altijd. In gedachten zie ik mezelf in slow-motion met veel drama de meters afleggen naar de Tiger, een laatste blik werpend op het eiland.  In werkelijkheid ben ik me bewust van het feit:
“Je kunt altijd terug naar Terschelling!”.

Op naar de zomer!